Naar de inhoud
Actuales

Eén les, elk niveau

Vergelijk de niveaus

Dezelfde actualiteit, afgestemd op het niveau. Kies twee niveaus en zie precies hoe de leerdoelen, uitleg, stelling en quiz meebewegen — de kern van Actuales in één oogopslag.

groep 5/6

Lesdoelen

  • 1.Na deze les weet je wat een vluchteling is: iemand die weg moest van huis omdat het daar niet veilig was.
  • 2.Na deze les weet je dat vluchtelingen een veilige plek zoeken en hulp krijgen.
  • 3.Na deze les kun je bedenken hoe je iemand die nieuw is, kunt helpen en welkom heten.

4

Uitlegdia's

6

Quizvragen

5

Stappen

Eerste uitlegdia

Foto van de dag: een veilige plek

  • Iedereen heeft een veilige plek nodig om te wonen.
  • Soms is er oorlog of gevaar, en dan is een plek niet meer veilig.
  • Mensen moeten dan weg van hun huis om veilig te zijn.

Stelling

“Een nieuw kind in de klas dat onze taal nog niet spreekt, moeten we helpen.”

Eens of oneens? Zeg één zin met ‘omdat’.

vwo 3

Lesdoelen

  • 1.Na deze les kun je de begrippen vluchteling, asielzoeker, statushouder en ontheemde precies onderscheiden.
  • 2.Na deze les kun je cijfers over asiel op framing en bron wegen (één cijfer, twee koppen).
  • 3.Na deze les kun je een betoog over het beleid schrijven met argument, tegenargument en weerlegging.

5

Uitlegdia's

10

Quizvragen

5

Stappen

Eerste uitlegdia

Foto van de dag: begrippen precies

  • Vluchteling (moest vluchten) ≠ asielzoeker (wacht op besluit) ≠ statushouder (mag blijven) ≠ ontheemde (vlucht binnen eigen land).
  • In het debat worden deze woorden vaak door elkaar gehaald — dat stuurt het beeld.
  • Gespreksregel: we bespreken beleid en nieuws, niet personen; niemand hoeft iets over zichzelf te vertellen.

Stelling

“Elke gemeente moet verplicht meedoen aan de opvang van asielzoekers, ook als veel inwoners dat niet willen.”

Betoog: standpunt, 2 argumenten, tegenargument + weerlegging. Het gaat over beleid (Rijk–gemeenten), niet over personen.

Geef de les in de klas →Naar het pakket