Naar de inhoud
Actuales

Woordhulp · NT2 & woordenschat

Woordhulp: F1 in Europa

Niveau:groep 5/6groep 7groep 8vmbo 1vmbo 2vmbo 3havo 1havo 2havo 3vwo 1vwo 2vwo 3

Dit blad helpt je bij de les en het werkblad. Lees de woorden. Schrijf het woord in jouw taal erbij.

  • het circuitde baan waar de race is
  • de rondeéén keer helemaal rond het circuit
  • de rondetijdde tijd die je nodig hebt voor één ronde
  • de snelheidhoe hard iets gaat, bijvoorbeeld 165 km per uur
  • de afstandhoeveel kilometer het is
  • de coureuriemand die racet met een auto
  • het teamde ploeg: de coureurs, de auto's en de monteurs
  • de motorde machine die de auto laat rijden
  • de elektromotoreen motor die op stroom werkt
  • de brandstofwat de motor verbruikt, bijvoorbeeld benzine
  • de duurzaamheidzorgen dat iets goed is voor het milieu, ook later
  • het kampioenschapde strijd om wie het hele jaar de beste is

Zinstarters

  • Ik denk dat … omdat …
  • Ik ben het eens met de stelling, want …
  • Ik ben het niet eens met de stelling, want …
  • De gemiddelde snelheid is …, want … gedeeld door … is …

Stappenplan: gemiddelde snelheid berekenen

  1. Zoek de afstand (in kilometers).
  2. Zoek de tijd (in uren). Is de tijd in minuten of seconden? Reken eerst om: 1 uur = 60 minuten = 3600 seconden.
  3. Deel de afstand door de tijd: snelheid = afstand ÷ tijd.
  4. Controleer je antwoord: de uitkomst is in kilometer per uur (km/h).