Naar de inhoud
Actuales

Woordhulp · NT2 & woordenschat

Woordhulp: het WK 2026

Niveau:groep 5/6groep 7groep 8vmbo 1vmbo 2vmbo 3havo 1havo 2havo 3vwo 1vwo 2vwo 3

Dit blad helpt je bij de les en het werkblad. Lees de woorden. Schrijf het woord in jouw taal erbij.

  • het toernooieen grote wedstrijd-serie met veel teams
  • het gastlandhet land waar het toernooi is
  • de speelstadeen stad waar wedstrijden zijn
  • de tijdzoneeen deel van de wereld met dezelfde tijd
  • het tijdsverschilhet verschil in uren tussen twee plaatsen
  • de aftraphet begin van een voetbalwedstrijd
  • de sponsoreen bedrijf dat geld geeft en reclame terugkrijgt
  • de inkomstenhet geld dat binnenkomt
  • de kostenhet geld dat je moet betalen
  • de mensenrechtenrechten die ieder mens heeft, bijv. vrijheid en veiligheid
  • de stellingeen zin met een mening, waar je over praat
  • het argumenteen reden voor je mening

Zinstarters

  • Ik denk dat … omdat …
  • Ik ben het eens met de stelling, want …
  • Ik ben het niet eens met de stelling, want …
  • Een voordeel is … / Een nadeel is …

Stappenplan: rekenen met tijdzones

  1. Zoek de stad in de tabel.
  2. Kijk hoeveel uur de stad achterloopt op Nederland (bijvoorbeeld −7).
  3. Tijd daar → tijd in Nederland: tel de uren erbij op.
  4. Tijd in Nederland → tijd daar: trek de uren eraf.